Schenking Friese officiersportretten


André Buwalda (midden) bij de schilderijen die naar Nienoord zijn overgebracht.
Foto: Museum Nienoord

BOLSWARD Museum Nienoord in Leek heeft zeven portretten van Friese officieren uit de zeventiende eeuw gekregen. Ze zijn geschonken aan het museum. „Zo blij dat zestien van de negentien weer samen zijn.”

De schenker van de portretten wijst alle eer af, zegt directeur Geert Pruiksma van het museum. „Hij kiest ervoor om anoniem te blijven.” Het museum is er niet minder blij mee. „Zo’n verzameling portretten uit de zeventiende eeuw vind je nergens, dat zeggen alle deskundigen. Dinsdag gaan we ze ophangen.”

De portretten zijn omstreeks 1640 gemaakt, merendeels door schilder Wybrand de Geest of zijn leerlingen. Er zijn destijds negentien portretten gemaakt: ze tonen hoge officieren uit het Friese Staatse leger en enkele stadhouders.

Universiteiten gesticht
Tijdens de Tachtigjarige Oorlog had Nederland nog geen nationale krijgsmacht. De troepen in de noordelijke provincies stonden onder leiding van de Friese Nassau-stadhouders, van wie Willem-Lodewijk de eerste en bekendste was: hij bevrijdde Groningen en Drenthe van de Spanjaarden. Dankzij hem kregen Groningen en Franeker een universiteit.

Later zijn de portretten verspreid geraakt over verschillende locaties en eigenaren. Negen schilderijen werden zo’n twintig jaar geleden al aan Nienoord geschonken, vertelt Pruiksma. Dat ze deel uitmaakten van een grotere collectie met negentien portretten, was destijds niet bekend.

Amateurhistoricus André Buwalda uit Schettens herontdekte de geschiedenis van de portrettenserie enkele jaren geleden. Hij kreeg hulp van Jeroen Punt van het Nationaal Militair Museum. Ze spoorden alle schilderijen op en organiseerden er een expositie mee: eerst in Bolsward, later in Leek.

Bommen Berend
Dat maakte veel enthousiasme los, herinnert Pruiksma zich. „We hadden het regiment Infanterie Johan Willem Friso uitgenodigd.” Dit is namelijk voortgekomen uit het regiment van de afgebeelde officieren. „Ze stonden hier met tanks. Er kwamen ook nazaten van de afgebeelde personen.”

De schenking van deze week vloeide voor uit die tentoonstelling. De eigenaar van de zeven portretten nam afgelopen week contact op met Buwalda. „Hij wilde ze graag aan Nienoord schenken.”

De afgebeelde militairen streden vooral tegen de Spaanse troepen in Brabant, Zeeland en Vlaanderen. Sommigen waren ook actief in latere oorlogen.

Dit geldt zeker voor Poppe van Burmania (1603-1676): op zijn oude dag voerde hij nog de troepen aan tegen Bommen Berend, de Duitse bisschop die in Rampjaar 1672 de noordelijke provincies binnenviel. Zijn dagboek is bewaard gebleven.

Van Burgum naar Leek
Edelman Hobbe van Sminia uit Burgum werd in de negentiende eeuw eigenaar van de portrettenreeks. Na zijn dood raakten ze verdeeld over zijn drie dochters. „Een van hen trouwde op landgoed Nienoord en bracht tien portretten mee.”

Enige tijd hingen er helemaal geen portretten meer in Leek, maar dit veranderde later. „Haar kleindochter Elske Smith – jonkvrouwe van Panhuys schonk er negen aan Museum Nienoord. Elske is al 97 en woont in de USA, ik ben zo blij haar te kunnen mailen dat sinds deze week zestien van de negentien portretten weer samen zijn.”

Pruiksma: ’Met de eigenaren van de laatste drie portretten heeft Museum Nienoord trouwens ook een warm contact’. Mocht het niet lukken om die laatste schilderijen te verwerven, dan komen er reproducties te hangen. Het historisch onderzoek heeft de afgelopen jaren intrigerende ontdekkingen opgeleverd. Vijf panelen blijken gemaakt van hout uit dezelfde boom, zo stelde jaarringendeskundige Paul Borghaerts uit Easterein vast.

Nieuwe jonkheer
Ook werd ontdekt dat het portret van Jan Gerckes Hoptilla sprekend lijkt op een schilderij van zeevaarder Piet Hein in het Rijksmuseum. Dat was dus niet Piet Hein, het blijkt een Friese officier.

André Buwalda uit Schettens stuitte bij zijn speurwerk ook nog op een nazaat van kapitein Schelte van Aysma uit Schettens, die zelf niet wist dat hij van adel is. Buwalda zorgde ervoor dat hij zich nu jonkheer mag noemen. Buwalda is inmiddels bestuurslid van de Stichting het Friese Portret, die zich richt op verder onderzoek naar portretten uit die tijd.

Erwin Boers