’165 jaar is ook iets om trots op te zijn’

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Jolt van Buren aan het werk bij het keuren/checken van een vacht. Foto: Van Buren

BOLSWARD Wie in een willekeurige woonwinkel, op een markt of zelfs aan boord van een megajacht een schapenvacht ziet liggen, heeft een grote kans dat die uit Bolsward komt. Daar zit Van Buren, de enige schapenvachtlooierij van Nederland en eigenlijk van de hele Benelux. Dit jaar bestaat het familiebedrijf 165 jaar. „Honderdvijftig is een mooi rond getal, maar 165 is ook iets om trots op te zijn”, zegt zesde generatie-directeur Jolt van Buren.

Van Buren maakt van ruwe schapenvachten producten die, in de woorden van het bedrijf zelf, mensenlevens verrijken met warmte, natuurlijke schoonheid en zachtheid. Dat doen ze al sinds 1861. Ooit begon het in de grondstofhandel: partijen ruwe huiden samenstellen en doorverkopen aan handelaren en fabrieken. In de loop der generaties groeide het bedrijf uit tot wat het nu is, een echte producent die jaarlijks zo’n 50.000 vachten verwerkt. „Misschien zijn het er nog wel veel meer. Dat is lastig schatten.”

Van pantoffel tot piloot
Een vacht is allang niet meer alleen een vacht. Naast het klassieke kleedje over de stoel of op de vloer maakt Van Buren er pantoffels, handschoenen, wanten, fietszadeldekken, kussens, tassen en zelfs yogamatten van. Vachten die wat minder mooi zijn, worden geschoren en geverfd en krijgen zo een tweede leven. Voor wie het mooiste van het mooiste wil, zijn er IJslandse langharige vachten, exemplaren met een krul of een Tibetaanse vacht. „Vroeger verwerkten we vooral Nederlandse schapen, soms een Duitse,” vertelt Van Buren. „Nu halen we rassen van over de hele wereld. De een wil een krulletje, de ander een van een IJslander.”

Het klantenbestand is even breed als kleurrijk. „Ik zeg altijd: wij leveren van de allermooiste stylisten tot de boerderijwinkel, de marktkoopman én de vliegtuigfabriek.” Want ook een piloot zit nogal eens op een vacht, en ook de megajachten die in de regio worden gebouwd, worden van Bolswarder vachten voorzien. Zo’n 1.500 winkeliers wereldwijd weten het bedrijf te vinden. Ongeveer veertig procent blijft in Nederland, de helft gaat naar de rest van Europa, en de rest reist verder tot in Amerika en zelfs Nieuw-Zeeland. „Je zou denken: daar hebben ze schapen zat. En toch komen ze voor de kwaliteit bij ons uit.”

Woord is woord
Dat het bedrijf door en door Fries is, hoor en zie je overal. De medewerkers komen vrijwel allemaal uit de regio. „Al ik heb onlangs wel een Amerikaanse aangenomen.” En de bedrijfscultuur? „Helderheid, duidelijkheid, woord is woord. Eerlijkheid en continuïteit,” somt Van Buren op. „De noordelijke mentaliteit. Hard werken, maar ook gewoon een grote familie met elkaar.” Geen snelle winst op de korte termijn, maar bouwen voor de lange termijn, wat economen wel het Rijnlandse model noemen, tegenover het meer Amerikaanse, kapitalistische denken. Sociale betrokkenheid bij de omgeving hoort daar onlosmakelijk bij. Jolt van Buren staat sinds 2008 aan het roer, als zesde generatie „Ik ben hier letterlijk en figuurlijk opgegroeid.” Als baby lag hij gewoon in de wieg, op een babyvachtje, uiteraard. Hij begon onderaan: aanvegen, schoonmaken, opruimen. „Ik heb eigenlijk alle machines wel gedaan. Alleen de naaimachines niet, dat gaat me niet zo goed af.” Vegen, productie, verkoop; van het helpen van een particuliere klant tot het aanschuiven bij grote organisaties. Hij kent het bedrijf van binnenuit. Thuis liggen trouwens een stuk of vijftien vachten verspreid door het huis. „Het is niet alleen werk. Ik ben ook een liefhebber.”

De passie zit diep. Loopt hij een winkel binnen en ziet hij een vacht liggen, dan volgt een inspectie: „Hé, is die van ons of niet?” Het gaat hem niet alleen om de vacht, maar ook om het dier. Een vakantie naar schapenparadijs Texel zit er regelmatig in en de bekendste rassen dreunt hij zo op.

Wij zijn heel stabiel en doen gewoon ons best om kwaliteit te leveren

Met patatje en al
De zevende generatie kondigt zich misschien al aan. Van Buren heeft twee dochters van elf en acht. Of ze het bedrijf ooit overnemen, is nog veel te vroeg om te zeggen, maar kind aan huis zijn ze zeker.  „Mijn jongste gaf op haar zevende klanten al een rondleiding door het bedrijf, mooi toch? En als er nieuwe wollen vestjes binnenkomen, maakt ze er een heus Instagram-filmpje van. Die hebben een hoog knuffelgehalte,” lacht de trotse vader.

Het jubileum wordt gevierd met een open dag op 26 september, een feest en iets extra’s voor de trouwe winkeliers. Grote acties komen er niet. „Wij zijn heel stabiel, nooit zo van de acties. Wij doen gewoon ons best om kwaliteit te leveren.” Bezoekers zijn welkom om rond te kijken en vooral om even te voelen hoe zacht een echte Bolswarder vacht is.

Martin Laning

Bolswards Nieuwsblad